Historie diamant

Historie van de diamant

Leer meer over de oorsprong en het ontstaan van de diamant

In 1889 heeft Cecil Rhodes opdracht gekregen van de Britse regering om voor koloniale uitbreiding in de richting van het noorden te zorgen. Daarmee kreeg Cecil tevens het recht toegekend om de overwonnen gebieden een eigen naam te geven. Rhodes besloot het gebied naar zichzelf te vernoemen en zo is Rhodesië ontstaan.

Snel naar:

Begin van de kolonisatie

In 1888 begon het bedrijf British South Africa Company onder leiding van Cecil Rhodes met het ontginnen van ertsen. Het overwonnen gebied Rhodesië leidde tot de start van de kolonisatie. Er werd door Rhodes een verdrag gesloten met de koning van Matabele, maar koning Lobengula wilde alleen de mijnrechten verstrekken en geen afstand doen van het land. De koning verloor zijn machtspositie al snel na de ondertekening van het verdrag toen de pioniers zich aandienden in Rhodesië. De pioniers richtten zich in eerste instantie op het winnen van ertsen, maar later kwam daar de taak van het bewerken van het land bij. De pioniers leefden destijds gescheiden van de lokale bevolking die in 1896 in opstand kwam. In het zuidelijke gebied van Rhodesië bevonden zich vooral blanke kolonisten, die steeds meer grond voor zichzelf hebben opgeëist.

ZAH01_100003612_X

Boerenoorlog

Cecil Rhodes had de controle over de twee grootste mijnen van Kimberley en de ontwikkeling van verdere commerciële activiteiten was in lijn met de uitbreidingswensen van Groot-Brittannië. De Boerenstaten van Transvaal en Oranje wilden in 1881 ontkomen aan de controle van de Engelsen op de diamanthandel, maar ook op de landbouw en de handel in goud. De Boerenoorlog brak uit in 1889 en Kimberley werd in dat jaar belegerd. Cecil Rhodes bood bescherming aan de stad door een groot kanon, genaamd Long Cecil, te bouwen.

De Boeren reageerden daarop door een net zo groot kanon te bouwen die de naam Long Tom kreeg toebedeeld.  Ook in Rhodesië was er sprake van een oorlogssituatie nadat de Matabels profiteerden van het vertrek van de Engelse troepen die weg waren gegaan om de omsingelde stad Kimberly weer te bevrijden. De oorlog duurde 2,5 jaar en vlak voor het einde van deze oorlog kreeg Rhodes de controle over de mijn Bultfontein.

ZAH01_100003760_X

Na de ondertekening kwamen de Engelsen binnenvallen in Rhodesië en werd het grondgebied van de Boeren bestormd. In de eerste helft van de twintigste eeuw kreeg Rhodesië zelfbestuur in 1923 en 1924 en werd het gebied omgevormd tot twee Britse kolonies, namelijk Zuid-Rhodesië en Noord-Rhodesië, respectievelijk het huidige Zimbabwe en Zambia. Cecil Rhodes is aan een hartaanval overleden in 1902 en 48 jaar geworden. De erfenis van deze man is voor een groot deel gebruikt ten behoeve van het oprichten van de stichting Rhodes Scholarship. Studenten van alle nationaliteiten kunnen aan de universiteit van Oxford studeren dankzij deze stichting.

De Beers group

Leer meer over het wereldberoemde bedrijf De Beers Group.

De Beers is opgericht in 1888 door Cecil Rhodes en heeft tot op heden een leidende positie gehad in de wereld op het gebied van het ontdekken, winnen en verkopen van diamanten. Er werken in totaal meer dan 23.000 mensen bij De Beers en partners. De filosofie van De Beers die tegenwoordig wordt nagedragen is niet meer te vergelijken met die van het begin. Een van de uitgangspunten nu is dat er een duurzame bijdrage wordt geleverd aan de gemeenschappen waar het bedrijf werkzaam is en waar medewerkers wonen.

Dat houdt in dat de firma in de landen waar diamantmijnen worden geëxploiteerd ervoor zorgt dat de natuurlijke bronnen ook voor het land voor rijkdom zullen zorgen. Zo richt de Beers zich in Afrika op de positieve ontwikkeling op de lange termijn. Tegenwoordig gaat het bedrijf onder de naam De Beers Group of Companies door het leven en zijn er op dit moment twee aandeelhouders. De overheid van de republiek Botswana bezit vijftien procent van de aandelen en Anglo America heeft vijfentachtig procent van de aandelen in het bezit. De Oppenheimers familie heeft in 2011 het aandelenbezit van veertig procent overgedaan aan Anglo America.

130520124295

Bedrijfsactiviteiten

De betrokkenheid van De Beers op het gebied van diamant gaat ver. Zo worden er onder meer diamantmijnen geëxploiteerd in Botswana, Canada, Zuid Afrika en Namibië. Ook zijn er activiteiten op het gebied van het sorteren, waarderen en verkopen van ruw diamant. De Beers heeft een wijdvertakte marketingstrategie met betrekking tot de afzet van geslepen diamanten in de particuliere sector. Verder richt De Beers zich anno nu op de ontwikkeling van synthetische supermaterialen voor industriële toepassingen. Het zoeken naar diamant op nieuwe locaties is een van de bedrijfsactiviteiten en daar gaan jaren aan onderzoek mee gepaard.

Het hart van het bedrijf wordt gevormd door het winnen van diamant, waar het bedrijf al meer dan 120 jaar ervaring in heeft. De Beers beschikt over de grootste diamantbron van de wereld, exploiteert de beste diamantmijnen en is de grootste distributieleider van de wereld van ruw diamant. Het bedrijf voert zelf twee merken diamant, namelijk De Beers Jewellery in samenwerking met Louis Vuitton Moët Hennesy en het diamantmerk Forevermark dat afkomstig is van De Beers Family of Companies.

De eerste boetiek van De Beers Jewellery werd in 2002 geopend in de Old Bond Street in Londen. Vanaf de opening van de eerste winkel in Londen zijn er over de hele wereld een reeks van juwelierszaken geopend van De Beers Jewellery. In de winkels staan sieraden met diamanten centraal. Het aanbod van sieraden varieert van ringen tot armbanden en trouwringen tot oorringen.

Belgisch Congo

De historie

In de periode 1908 tot 1960 was Belgisch Congo een kolonie van België en daarvoor was het gebied vanaf 1885 bekend onder de naam Kongo-Vrijstaat en betrof het een privékolonie van de Belgische vorst Leopold II. Als gevolg van deze koloniale bedrijvigheid van de vorst hebben de Belgische industriëlen en ook de financiële wereld een rijkdom verworven aan grondstoffen en mineralen. Aan het begin van de twintigste eeuw werd Belgisch Congo het terrein van investeringsgroepen uit België. Er werden diverse grote bedrijven opgericht, zoals de Formière en de Union Minière du Haut-Katanga. De laatstgenoemde onderneming richtte zich op het exploiteren van non-ferro metalen en het eerstgenoemde bedrijf hield zich bezig met het winnen van ruwe diamanten en goud. In een deel van Kasaï werden in de regio Mbuji Mayi diamantschachten gevonden en dat terwijl het centrale deel van Congo redelijk arm was aan mineralen.

Forminière

De onderneming Forminière is opgericht in 1906 maar leek binnen een aantal jaren al geen lang leven beschoren. De prospectie kostte enorm veel geld en had nog weinig concrete resultaten opgeleverd. Het investeringsgeld ging snel op aan kosten van bezoldiging, reiskosten, voedsel, technische uitrusting en ter plekke gedane uitgaven. Dat leidde ertoe dat het geld van de Belgische en Amerikaanse aandeelhouders snel opraakte, zodat er geld geleend moest worden. In 1911 werd er door de Telemijn nog 23 kilo goud opgebracht, maar de voorschotten van ongeveer drie miljoen frank in 1912 waren afkomstig van de Generale Maatschappij in België en van de Amerikaanse investeringsgroep. Er kwam echter een positieve wending nadat ingenieur P. Lancsweert belast werd met een onderzoeksmissie in Afrika.

bankbiljet Belgisch Congo

Ingenieur P. Lancsweert

De onderzoeksreis werd op een wetenschappelijke wijze voorbereid door Lancsweert, die onder meer reisverslagen van zijn voorgangers aan een analyse onderwerp en zich uitgebreid documenteerde. Ook werden er allerlei typen stalen door Lancsweert onderzocht die op kantoren werden bewaard. In 1909 werd er een koker zonder etiket geopend door de ingenieur en daarin zaten niet alleen een aantal waardeloze monsters, maar ook een mini kristal van twintig milligram. Dit kristal werd minutieus onderzocht onder de microscoop en ook werd de hardheid getest. Het bleek dat het kristal kwarts kraste en daardoor alleen maar diamant kon zijn. Het kristal werd daarop verder onderzocht door de mineraloog Henry Buttgenbach, die aan de Universiteit van Luik werkzaam was. De vraag was toen nog waar de diamant gevonden was en door wie. Narcisse Janot bleek daarover opheldering te kunnen bieden, want Janot herinnerde zich dat de koker naar Maniema was gezonden. Daarop werd de geoloog M.K. Shaler weer gevraagd om zijn notities na te gaan. Uit de notities bleek dat er op 4 november 1907 geschreven was dat er in de omgeving van de watervallen van Pogge in de Mai-Munene een doorzichtige kleine steen was gevonden. Over deze steen werd geschreven dat deze een grotere schittering kende dan het diamantmonster in de koker. Verder werd erbij vermeld dat de steen voor onderzoek apart zou worden gehouden. Uit de notities bleek dus dat het kristal in Kasaï was gevonden, maar dat gaf nog geen garantie op de aanwezigheid van een rendabele vindplaats van diamanten.

bewaker in Belgisch Congo

Onderzoeksmissie juli 1911 in Kasaï

Nadat duidelijk was waar de diamant vandaan kwam vertrokken prospector Janot en ingenieur Lancsweert in 1911 naar Afrika om daar uit te komen in de omgeving van Kasaï. De prospector begaf zich in augustus op veertig kilometer afstand van Charlesville stroomopwaarts om de rivierbedding te doorzoeken. Op 6 augustus 1911 werd de eerste diamant gevonden bij de samenloop van Kabambaie en Kasaï. Deze vindplek bevond zich op nog geen vijfhonderd meter van het handelskantoor van de Maatschappij van Kansaï. Janot vond in een paar dagen ongeveer veertig diamanten en op 10 september nam de prospector contact op met Brussel om de directie van Forminière te laten weten in totaal 242 stenen gevonden te hebben. In Tshikapa vond Janot tien diamanten in de rivierbedding en daarna kwamen er al snel meer ontdekken. Zo werden er negen diamanten gevonden in een zijriviertje van de Tshikapa en zeven diamanten in de omgeving van de Pogge watervallen. In december 1911 werd de vallei van de Longatshimo onderzocht en werden er binnen een paar dagen in totaal 237 diamanten gevonden.

Eerste zetel Forminière in Afrika

Na alle ontdekkingen van de diamanten besloot de directie van Forminière om zich te richten op de betreffende regio. De baas van de missie, Olivier, vestigde zich op 5 maart 1912 aan de samenloop van de rivier Tshikapa en de Kasaï. Daar werd een aarden hut gebouwd met een dak dat uit bladeren bestond. De hut beston uit twee kamers en daarmee was de vestiging van de eerste zetel van Forminière in Afrika een feit en was het bedrijf op financieel vlak in ieder geval gered. De toekomst zag er vanaf dat moment goed uit en dat allemaal doordat de ingenieur P. Lancsweert nauwkeurig zijn onderzoeksmissie voorbereidde en een klein diamantje had gevonden in een koker. De aandeelhouders werden verrast tijdens de bijeenkomst waarop de balans en rekeningen van het boekjaar ter goedkeuring werden voorgelegd. De aandeelhouders kregen namelijk een nieuwe post te zien op de balans van de diamanten in stock in Afrika en Brussel.

Belgisch Congo

Eerste zending diamanten vanuit Belgisch Congo

De eerste zending diamanten vanuit Kasaï in Belgisch Congo arriveerde in Antwerpen op 28 oktober 1913. De zending aan boord van de Anversville kreeg zelfs een vermelding in de krant. In de kranten was te lezen dat de zending in totaal 6,795 Hollandse karaat diamant bevatte, wat neerkomt op 206,446 milligram. De productie nam toe en er werd onder meer een diamantveld geopend in de vallei van de Tshikapa.

Aan het einde van het jaar 1913 werd er in Belgisch Congo al een totale productie tot stand gebracht van vijftienduizend karaat. De groei van het bedrijf Forminière werd onderbroken door de Eerste Wereldoorlog, maar aan het einde van de oorlog herstelde productie zich en werden de activiteiten verder uitgebreid. De complete diamantproductie van Belgisch Congo was in handen van Forminière en dat gold niet alleen met betrekking tot de eigen exploitatie, maar ook ten aanzien van de exploitaties in opdracht die zich vanaf 1920 aandienden.

Rhodesië

Leer meer over Rhodesië en de geschiedenis van diamanten.

In 1889 heeft Cecil Rhodes opdracht gekregen van de Britse regering om voor koloniale uitbreiding in de richting van het noorden te zorgen. Daarmee kreeg Cecil tevens het recht toegekend om de overwonnen gebieden een eigen naam te geven. Rhodes besloot het gebied naar zichzelf te vernoemen en zo is Rhodesië ontstaan.

Begin van de kolonisatie

In 1888 begon het bedrijf British South Africa Company onder leiding van Cecil Rhodes met het ontginnen van ertsen. Het overwonnen gebied Rhodesië leidde tot de start van de kolonisatie. Er werd door Rhodes een verdrag gesloten met de koning van Matabele, maar koning Lobengula wilde alleen de mijnrechten verstrekken en geen afstand doen van het land. De koning verloor zijn machtspositie al snel na de ondertekening van het verdrag toen de pioniers zich aandienden in Rhodesië. De pioniers richtten zich in eerste instantie op het winnen van ertsen, maar later kwam daar de taak van het bewerken van het land bij. De pioniers leefden destijds gescheiden van de lokale bevolking die in 1896 in opstand kwam. In het zuidelijke gebied van Rhodesië bevonden zich vooral blanke kolonisten, die steeds meer grond voor zichzelf hebben opgeëist.

Boerenoorlog

Cecil Rhodes had de controle over de twee grootste mijnen van Kimberley en de ontwikkeling van verdere commerciële activiteiten was in lijn met de uitbreidingswensen van Groot-Brittannië. De Boerenstaten van Transvaal en Oranje wilden in 1881 ontkomen aan de controle van de Engelsen op de diamanthandel, maar ook op de landbouw en de handel in goud. De Boerenoorlog brak uit in 1889 en Kimberley werd in dat jaar belegerd. Cecil Rhodes bood bescherming aan de stad door een groot kanon, genaamd Long Cecil, te bouwen.

De Boeren reageerden daarop door een net zo groot kanon te bouwen die de naam Long Tom kreeg toebedeeld.  Ook in Rhodesië was er sprake van een ooorlogssituatie nadat de Matabels profiteerden van het vertrek van de Engelse troepen die weg waren gegaan om de omsingelde stad Kimberly weer te bevrijden. De oorlog duurde 2,5 jaar en vlak voor het einde van deze oorlog kreeg Rhodes de controle over de mijn Bultfontein.

Na de ondertekening kwamen de Engelsen binnenvallen in Rhodesië en werd het grondgebied van de Boeren bestormd. In de eerste helft van de twintigste eeuw kreeg Rhodesië zelfbestuur in 1923 en 1924 en werd het gebied omgevormd tot twee Britse kolonies, namelijk Zuid-Rhodesië en Noord-Rhodesië, respectievelijk het huidige Zimbabwe en Zambia. Cecil Rhodes is aan een hartaanval overleden in 1902 en 48 jaar geworden. De erfenis van deze man is voor een groot deel gebruikt ten behoeve van het oprichten van de stichting Rhodes Scholarship. Studenten van alle nationaliteiten kunnen aan de universiteit van Oxford studeren dankzij deze stichting.

Oppenheimers

Leer meer over het verhaal van de Oppenheimers.

In het sterfjaar van Cecil Rhodes werd in 1902 de Cullinan Mijn gevonden, maar de eigenaar wilde zich niet bij het kartel van De Beers aansluiten. Daarop verhuisde de Joodse Ernest Oppenheimer naar Kimberley om namens de firma A. Dunkelsbuhler de diamanten uit de betreffende mijn op te kopen. In de Cullinan Mijn werd niet alleen de grootste diamant ooit gevonden, die de naam Cullinan Diamant draagt, maar de diamantproductie overtrof ook de productie van alle mijnen van De Beers. In de Eerste Wereldoorlog wist De Beers de Cullinan Mijn in het bezit te krijgen en kreeg Ernest Oppenheimer een benoeming als lokaal vertegenwoordiger van de Diamond Syndicate. Nadien werd Oppenheimer ook nog tot burgemeester van Kimberley benoemd.

Consolidated Diamond Mines of South West Africa

Na de Eerste Wereldoorlog richtte Oppenheimer in 1919 de Consolidated Diamond Mines of South West Africa op om op die manier de monopoliepositie te versterken. Eerder in 1917 werd door de Oppenheimer de Anglo-American Corporation of South Africa opgericht.  Oppenheimer vreesde na de ontdekking van diamanten in het Duitse Zuidwest Afrika dat de prijs voor diamanten verminderd zou worden. De Consolidated Diamond Mines of South West Africa werden door Oppenheimer aangeboden aan de Beers waarvoor Oppenheimer een zetel in de directie claimde en bovendien aandelen in ruil wenste. Na de afronding van deze transactie besloot Oppenheimer om zoveel mogelijk De Beers aandelen op te kopen en in 1929 werd Oppenheimer voorzitter. Deze positie maakte van hem de meest machtigste persoon in de diamantindustrie.

Central Selling Organisation

De machtigste man in de diamantindustrie richtte daarna de Central Selling Organisation op om de succesvolle eenkanaalsmarketing van  Cecil Rhodes voort te zetten. Bedrijven werden op allerlei manieren gedwongen om zich aan te sluiten. Ernest Oppenheimer is in 1957 overleden, maar een van de andere Oppenheimers, namelijk zoon Harry trad in de voetsporen van zijn vader en nam het voorzitterschap op zich. In 1959 werd door Harry een overeenkomst getekend met de Sovjets waarbij een afzetmarkt geboden werd voor de diamanten uit Yakutia. Overigens maakte Harry al eerder onderdeel uit van het concern, want in 1939 was het dit lid van de familie Oppenheimers die diamant voor de middenklasse toegankelijk maakte met de beroemde slogan ‘Een diamant is voor altijd’. De Oppenheimers hebben decennia lang een grote rol gespeeld in de diamantgroep De Beers, want ook Nicky Oppenheimer en Jonathan Oppenheimer hebben na Harry de rol van het voorzitterschap van de firma op zich genomen. In 2011 werd het belang van de familie Oppenheimer in de firma De Beers overgenomen door mijnbouwer Anglo America, die daarmee een meerderheid kreeg.

Cecil John Rhodes

Cecil John Rhodes (1853 – 1902) staat bekend als ondernemer en politicus in Zuidelijke Afrika. Hij is tevens de stichter van de Britse kolonie Rhodesië en de oprichter van wereldberoemde diamantbedrijf De Beers.

Cecil Rhodes begaf zich naar Zuid-Afrika om als avonturier op zoek te gaan naar diamant. Cecile was werkzaam in de De Beers mijn en besloot om geld te sparen en daarna zelf een mijn te kopen. Het beheer van de gekochte mijn werd overgedragen aan zijn assistent, waarna Cecil ging studeren om na zeven jaar weer terug te keren.

 

Cecil_rhodes_&_alfred_beit00

In Zuid-Afrika combineerde Cecil een carrière in de politiek met het kopen van mijnen en besloot om in 1888 De Beers Mining Company op te richten. Cecile had echter ook zijn zinnen gezet op de Kimberley mijn van de broers Barnato en deze werd via een omweg verkregen, waarna op 13 maart 1888  een fusie plaatsvond tussen De Beers Mining Company en de Barnato Kimberley Central. De Beers Consolidated Mines Limited was daarmee ontstaan.

Contactgegevens stopheling goud

030 2901510
info@goudinkooputrecht.nl

Goud Inkoop Utrecht
Rubenslaan 67-E
3582JD Utrecht

Openingstijden: Ma t/m Vr 11:00 - 17:00 uur
Eenvoudig te bereiken op slechts 10 minuten vanaf de ring A12 en volop parkeer ruimte voor de deur. Vlakbij stadion Galgenwaard.